Terug naar home

Sessies De Reünie

Sessies De Reünie 

 

 

 

 

 

 

 

Zaterdag 17 november stond in het teken van De Reünie. En het was een geslaagd weerzien van oud collega's en oud studenten! Naast verhalen uitwisselen en herinneringen ophalen was er ook ruimte voor diepgang.

De volgende sprekers gaven hun visie op onderwijs door de jaren heen. De presentaties zijn ook nalezen, deze vind je als download per spreker.



Harry Koopman: Over veranderingen in morgen, gisteren en vandaag

In een jong leven staan “vandaag” en daarna “morgen en vandaag” centraal. Bij mij veranderde dat al snel in “morgen en morgen” en zo bleef dat decennia lang. Vandaag de dag lijkt het accent vooral te liggen op “vandaag”, maar is een interesse in “gisteren” wel zichtbaar.

Deze verschuivingen tussen toekomst, verleden en heden betreffen zowel het werkzame als het privé leven. Behalve het normale proces van “ouder worden”, lijken enkele karakteristieke veranderingen in de maatschappelijke context deze accentverleggingen te beïnvloeden. Ga maar eens 60, 40 of 20 jaar terug in de tijd….

Klik hier voor de complete presentatie 

 

Eugene Fischer - Terugblik op de Culturele Revolte midden twintigste eeuw

De generatie  die heden ten dage midden in het leven staat en de  generatie die zich klaar maakt dat morgen te doen,  worden allebei in sterke mate beïnvloed door een cultureel klimaat, dat sedert het begin van deze eeuw het denken en doen van velen in onze samenleving richt. Dat culturele klimaat van nu staat echter dwars op de tijdgeest van de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw.

Voor iemand zoals ik, die zich nu in de derde levensfase bevindt , is het niet gemakkelijk om die zestig en zeventiger jaren van de vorige eeuw, die ik indertijd als volwassene meemaakte,  invoelbaar te maken voor de huidige generaties. Die jaren zestig en zeventig waren voor mij een echte confrontatie te meer daar in mijn daaraan voorafgaande jeugd andere zekerheden golden dan die in de jaren zestig en zeventig naar voren kwamen. Het waarom van de culturele revolte (de term “culturele revolutie” was nu eenmaal door de communisten in beslag genomen) moet goeddeels in de jaren ervóór worden gevonden en vanuit die context  uitgelegd worden aan hen die van nà de revolte zijn. Hiernaast heb ik mijn “Terugblik op de culturele Revolte midden twintigste eeuw” ingebed in een korte beschouwing over de grote-conjunctuurgeschiedenis van opstand en revolte in de Westerse Cultuur.  Dit is de cultuur waarin wij allen leven en waarin iets uitzonderlijks zich heeft afgespeeld: een aanslag op het beginsel van orde (“ordo”) zelf en de in veel opzichten ontwrichtende gevolgen ervan.

Klik hier voor de complete presentatie

 

Kees Boele - Waarom het onderwijs onder-wijzen moet blijven

Wat Den Haag vooral belangrijk schijnt te vinden is de bijdrage van het HBO aan de economie (lees: het nationaal inkomen) en dan vooral de zogenaamde “topsectoren”. Nu is dit inderdaad van belang, maar het is op zichzelf een inperking, want GGZ-instellingen en ziekenhuizen bijvoorbeeld staan dan in het gunstigste geval op het tweede plan. Welvaart (vooruitgang en maakbaarheid) en niet welzijn (geluk in gebrokenheid) is de onderliggende waarde. Het gevolg hiervan is dat het begrip onderwijs het karakter krijgt van “opleiden” van “ondernemende professionals” voor de “arbeidsmarkt”. Ook dit houdt een inperking in, want onderwijs is van oudsher veel meer dan opleiden, namelijk opvoeden en vormen van jonge mensen voor het leven (waar het werkzame leven onderdeel van is). Een derde inperking, die direct voortvloeit uit de twee voorgaande, is de focus op “meetbare” resultaten, prestaties en rendementen. Een goede hogeschool is echter niet primair een organisatie met doelen, maar een institutie met waarden. Hart voor de student is iets anders dan service aan een klant. Als we kwaliteit (van onderwijs dat opleiden wordt) meetbaar maken, wordt het uiteindelijk kwantiteit en ligt ontzieling op de loer. Structuur en systemen worden dan belangrijker dan cultuur en gedrag.

Deze drievoudige inperking van het hoger onderwijs moeten we ombuigen. Kees Boele zal duidelijk maken wat dit zijns inziens betekent voor de inhoud en de besturing van het HBO, met zijn eigen HEAO-ervaring als voorbeeld.

 

 
Dick te Boekhorst: Focus op resultaten

De hoofdconclusie van het rapport Dijsselbloem in 2008 was dat de overheid haar kerntaak, het zeker stellen van de kwaliteit van het onderwijs, ernstig had verwaarloosd. Bemoeide de overheid zich in de jaren ’90 vaak tot in het klaslokaal met de didactiek, zij bekommerde zich weinig om de onderwijsdoelen en -resultaten. 

Dijsselbloem markeert een ommekeer in de sturing van VO-scholen vanuit Den Haag. Met kreten als ‘de lat moet omhoog’ ligt de nadruk momenteel vooral op het verbeteren van resultaten. De exameneisen werden verscherpt, het centraal examen werd belangrijker gemaakt, er zijn kernvakken gekomen (Nederlands, Engels, wiskunde) met een eigen examenstatus, wiskunde wordt voor alle leerlingen verplicht, er komt een rekentoets, er wordt gepleit voor tussentoetsen, er ligt een wetsvoorstel gereed om de vakken Algemene Natuurwetenschappen en Culturele en Kunstzinnige vorming af te schaffen etc etc. Om deze speerpunten te realiseren stuurt de overheid driftig met doelsubsidies onder noemers als ‘prestatiebox’. 

Deze lezing gaat over de vraag of de leerling, zoals de bedoeling is, hoger gaat springen, of misschien, zoals niet de bedoeling is, zal struikelen. Wat doet de focus op resultaten met de kwaliteit van het onderwijs en het gedrag van leerlingen, leraren en schoolleiders?  

 


Ans van Hooff: Van preekstoel tot aktiv board 

Het Hbo is nog niet zo oud, maar heeft in dit korte bestaan al heel wat veranderingen doorgemaakt. De waarderingen voor die ontwikkelingen zijn wisselend, dat is van alle tijden. In de presentatie komen verschillende gedaanten van het Hbo aan de orde en de verschillende gezichtspunten die ten opzichte van het Hbo kunnen worden ingenomen. De bepalende factoren voor de ontwikkelingen zijn niet alleen de veranderende concepten binnen het onderwijs in het algemeen, maar ook politieke en internationale keuzes en opvattingen over educatie en opvoeding. In dat kader spelen ook de opvattingen van bedrijfstakken en de werkgevers daarbinnen een rol. En wat gaat de toekomst ons wel brengen? Is er nog hoger beroepsonderwijs in de komende thirties? 

Ans van Hooff (1949) is vanaf 2006 werkzaam als onderwijskundig adviseur en als interim manager binnen het HBO. Dit werk deed zij voor verschillende hogescholen, binnen diverse domeinen en als adviseur met accenten op reorganisatie- en accreditatieprocessen. Voor die tijd was ze zo’n zes jaar werkzaam buiten het onderwijs als organisatie-ontwikkelaar voor dienstverlenende organisaties en overheden, zoals banken, verzekeraars, gemeenten en ministeries. Van 1988 tot en met 1998 werkte zij voor de Hogeschool ’s-Hertogenbosch, eerst als onderwijscoördinator binnen het kunstonderwijs en later als onderwijskundige binnen de technische opleidingen. Bij vertrek maakte zij deel uit van het startende hogeschool-brede interne ‘adviesbureau’ Onderwijs en Kwaliteit. Voor de start bij de Hogeschool ’s-Hertogenbosch, was de kunsteducatie hoofdzakelijk haar werkgebied. Op dit moment werkt zij voor de HAN als onderwijskundig adviseur voor de opleidingen Sport & Bewegen.

Klik hier voor de complete presentatie


Kees van den Oord: De Bossche academicus 1400-1800

 

Hoe was ’t vroeger in Noord-Brabant met het hoger onderwijs gesteld?  Waar en hoe lang gingen Brabantse studenten vóór 1800, de Bataafs-Franse tijd studeren? Dichtbij huis of ver in Europa? Voor wie was een buitenlandse universiteit weggelegd?  Bezat studeren in het buitenland een meerwaarde, gaf dit extra status, hoorde dit bij een carrièreplanning? Wie deden mee aan De Groote Tour? Historicus dr. Kees van den Oord verdiept zich in deze vragen en schets een beeld van de Bossche academicus tussen 1400-1800. Loopbanen en studiereizen van een aantal Bosschenaren worden gereconstrueerd.  Dr. Kees van den Oord (1952) uit Eindhoven is sinds 1976 docent geschiedenis aan het Rodenborch-College in Rosmalen. Begin 2012 is hij teamleider bovenbouw vwo. Kees promoveerde in 1984 aan de Katholieke Universiteit Nijmegen op de dissertatie "Twee eeuwen Bosch` boekbedrijf 1450-1650".. Hij publiceerde in het Brabants Dagblad vele lokale historische artikelen en gaf ruim veertig boeken en brochures in eigen beheer (Histordia) uit over ’s-Hertogenbosch, de Langstraat en Noord-Brabant uit. Kees van den Oord is o.a. vice-voorzitter van Heemkundekring Onsenoort, bestuurslid van het Bosch Architectuur Initiatief, Comité Leuven-’s-Hertogenbosch, ’s-Hertogenbossche Monumentenzorg en Herdenking Bevrijding van Rosmalen en organisator van Model European Parliament Noord-Brabant-Vlaanderen.


Klik hier voor de complete presentatie

 



Gerard Hupperetz: Afstemming met de universiteit

De HBO-Rechtenopleidingen, gestart in 2003 hebben een nieuwe opleiding in de markt gezet waar voordien alleen de universitaire studie bestond. Dat heeft veel weerstand tot gevolg gehad.
Na 10 jaar een terugblik. Hoe is de situatie nu. Waarin moeten hbo en universitaire studies in verschillen of lijken ze steeds meer op elkaar. Hebben de te verwachten nieuwe regels over studiefinanciering (grote) gevolgen voor de keuzes van studenten?

Klik hier voor de complete presentatie

  

De hoofdconclusie van het rapport Dijsselbloem in 2008 was dat de overheid haar kerntaak, het zeker stellen van de kwaliteit van het onderwijs, ernstig had verwaarloosd. Bemoeide de overheid zich in de jaren ’90 vaak tot in het klaslokaal met de didactiek, zij bekommerde zich weinig om de onderwijsdoelen en -resultaten. 

Dijsselbloem markeert een ommekeer in de sturing van VO-scholen vanuit Den Haag. Met kreten als ‘de lat moet omhoog’ ligt de nadruk momenteel vooral op het verbeteren van resultaten. De exameneisen werden verscherpt, het centraal examen werd belangrijker gemaakt, er zijn kernvakken gekomen (Nederlands, Engels, wiskunde) met een eigen examenstatus, wiskunde wordt voor alle leerlingen verplicht, er komt een rekentoets, er wordt gepleit voor tussentoetsen, er ligt een wetsvoorstel gereed om de vakken Algemene Natuurwetenschappen en Culturele en Kunstzinnige vorming af te schaffen etc etc. Om deze speerpunten te realiseren stuurt de overheid driftig met doelsubsidies onder noemers als ‘prestatiebox’. 

Deze lezing gaat over de vraag of de leerling, zoals de bedoeling is, hoger gaat springen, of misschien, zoals niet de bedoeling is, zal struikelen. Wat doet de focus op resultaten met de kwaliteit van het onderwijs en het gedrag van leerlingen, leraren en schoolleiders?  

 

 

Frans van Kalmthout: HBO op weg naar een kennisorganisatie

Klik hier voor de complete presentatie

 

 

Op de hoogte blijven?

  • Vrouw  Man

  • Ja, ik ontvang graag informatie over Avans200.

Klik hier

Dank voor je aanmelding

De gegevens zijn succesvol verzonden.